Knokke-Heist bezoeken als toerist?

To do's in de tuin: november

Gazon

Behalve de blaadjes van het gazon harken is er nu niet veel werk, een ideale tijd om de grasmaaier op winteronderhoud te doen.

Wat kun je planten?

Je kunt rozen planten vanaf half oktober tot half april  als het niet vriest.  Een roos houdt ervan om op een winderige en zonnige plaats te staan, hou daar dus rekening mee als je ze plant.   Zet ze ook nooit op een plaats waar een andere roos heeft gestaan, de plant zal niet goed gedijen. Hou goed in de gaten dat ze niet worden bestookt door bladluizen, zet planten om lieveheersbeestjes aan te trekken zoals smeerwortel of afrikaantjes. Een lieveheersbeestje eet per maand zo’n 3.000 bladluizen, een echte killer dus!

Plant voorjaarsbollen en -knollen zoals tulpen, Oosterse sterhyacint, voorjaarsanemonen en dek ze af met een laagje bladeren zodat de bodem minder snel afkoelt.

Onderhoud en voorbereiding

  • Van allerlei heesters kun je nu nog houtachtige winterstekken nemen, bv. van de forsythia, sneeuwbes en de ribes. Ook van de druif of van kleine fruitboompjes kun je nu een stek nemen.
  • Wortelstekken nemen van vaste planten kan vanaf nu tot aan het einde van de winter.
  • Verwijder afgevallen bladeren van de bodembedekkers om te vermijden dat de plantjes eronder te weinig licht krijgen en dood gaan
  • dode takken kun je nu verwijderen uit struiken en bomen
  • Bescherm vaste planten en heesters die vorstgevoelig zijn
  • Bomen en struiken kunnen nu worden aangeplant en verplant en bladverliezende bomen en struiken kunnen worden gesnoeid

Welke bijvriendelijke planten bloeien er?

Madeliefje, gele mosterd, olijfwilg, dwergmispel, herfsaster.

Dieren in de tuin

Zorg voor water en voer voor de vogeltjes en hang de vogelnestkastjes omhoog zodat de vogels er tijdig aan wennen, hang ze minstens op 1,5 meter of 2 meter hoog zodat de katten er niet aan kunnen.

Ben je creatief en wil je zelf een nestkastje maken? Hier zie je hoe je dat doet!

 

Waarom nestkastjes?

 

Veel vogelsoorten, de holenbroeders, bouwen hun nesten in holten en spleten van bomen of gebouwen. In deze holten zijn ze goed beschermd tegen de regen en kou, maar ook tegen roofdieren zoals marters en katten. Omdat ze veilig verstopt zitten, hebben deze vogels en hun eieren meestal geen camouflagekleuren. Het verenkleed en de eieren van vogels die in open lucht nestelen zijn daarentegen meestal wél goed gecamoufleerd. Dat is zeker het geval bij soorten die op de grond broeden.

Lange tijd heeft men dode en oude bomen gerooid. Zo zijn heel wat natuurlijke holten verloren gegaan. Gelukkig is daar nu verandering in gekomen. Men tracht zo’n bomen zoveel mogelijk te behouden, omdat men beseft dat ze een belangrijke woonplaats zijn voor insecten, holenbroeders, enz. Met gebouwen is het een ander verhaal. Om zoveel mogelijk energie te besparen, zorgt men er meer en meer voor dat die zo goed mogelijk zijn afgesloten en geïsoleerd. Dus geen gaten of spleten meer tussen het metselwerk, dakgoten, balken, …  Hierdoor verdwijnen heel wat mogelijkheden voor vogels om hun nesten te maken. Om deze holenbroeders te helpen, kan je nestkastjes maken en op geschikte plaatsen ophangen.

Dat is niet enkel goed voor die vogels, maar ook voor de natuur én voor ons! Holenbroeders eten immers heel veel insecten. Ze zijn dus belangrijk om het aantal insecten in een bepaald gebied binnen de perken te houden. Maar als er weinig holenbroeders een geschikte plek vinden om te nestelen, zullen er veel meer insecten in leven blijven! Het ophangen van nestkastjes helpt dus ook om het ecologisch evenwicht in de natuur en in onze buurt in stand te houden.

 

Welke nestkastjes voor welke vogels?

 

Elke vogelsoort stelt andere eisen aan de nestkast. Kleine vogels willen kleine nestkastjes met kleine vlieggaten waar geen grotere vogels of roofdiertjes door heen kunnen. De pimpelmees heeft de kleinste vliegopening met een diameter van 26 mm. Voor de koolmees is dat 32 mm, voor de spreeuw 47 mm, enz... 

Sommige vogels verkiezen een ovaal vlieggat boven een rond. De half holenbroeders willen dan weer een goed uitzicht in combinatie met een goede beschutting!  Daarvoor moet de bovenste helft van de voorkant van het kastje eruit, zoals bij de grauwe vliegenvanger. Bij de boomkruiper moet de vliegopening aan de zijkant van de nestkast zitten…

Nestkastjes worden gemaakt van kunststof, houtbeton (een mengsel van cement en houtschilfers) of hout (spaanderplaat, vurenhout,…). De planken of platen moeten minimaal 1,5cm dik zijn, om de vogels in de kast te beschermen tegen de kou maar ook tegen de zonnewarmte. Je kan zelf een nestkastje maken, ofwel kan je er kopen in de gespecialiseerde handel.

 

 

Vogelsoort

Afmeting bodem
(cm x cm)

Hoogte
(cm)

Diameter vlieggat
(mm)

Koolmees

12 x 12

27

32

Pimpelmees

12 x 12

27

26

Spreeuw

15 x 15

32

47

Boomkruiper

12 x 12

27

*

Grauwe vliegenvanger

12 x 12

27

**

Gekraagde roodstaart

12 x 12

27

46

*geen vlieggat aan de voorkant, maar een spleet van 2.5cm op 8cm aan de achterkant

**Geen vlieggat, maar de bovenste helft van de voorzijde open laten

Hoe ga je te werk?

Om een nestkastje te maken, heb je volgend materiaal nodig:

  • onbehandelde vurenhouten planken (verfsoorten bevatten soms gevaarlijke stoffen)
  • spijkers of schroeven
  • 2 windhaakjes
  • koperdraad en tuinslang (of oude binnenband van een fiets)
  • metalen plaatje om de rand van het vlieggat te beschermen

Je gaat best als volgt te werk  :

Teken de maten voor de verschillende onderdelen van het kastje af op het hout en zaag ze uit.

  • Teken het vlieggat in het midden van de voorkant, 3cm onder de bovenkant, in de juiste grootte. Zaag of boor het uit en schuur de scherpe randjes glad met een schuurpapiertje.
  • Bevestig de zijwanden op de achterwand.
  • Plaats de bodem in het kastje en de voorzijde tussen de zijwanden.
  • Maak de twee steunlatjes vast aan de binnenzijde van het dakje, zodat ze tegen de binnenkant van de voorkant en de achterkant steunen.
  • Plaats het dakje op het kastje en maak het met de beide windhaakjes vast.
  • Soms maken spechten of eekhoorns de vliegopening groter door op de rand te hakken of er aan te knagen. Om dit te beletten kan je de rand met een metalen (of houten) plaatje verstevigen.
  • Maak aan de achterzijde twee latten vast om het nestkastje aan een boom op te hangen

Om het dakje beter tegen vocht te beschermen, kan je er eventueel een stukje roofing (dakbedekking) op vastmaken.

Een zitstokje is niet echt nodig. De vogels waarvoor de kastjes bestemd zijn, kunnen er zonder stokje gemakkelijk in en uit. Zonder stokje is het trouwens voor ‘nestkastpiraten’, zoals eksters, kraaien en eekhoorns, veel moeilijker om de nestkastjes te verstoren of te kraken.

 

Wanneer hang je de kastjes op?

 

Je hangt de nestkastjes best op in de periode september - oktober. Behalve als broedplaats doen ze namelijk ook dienst als schuil- en  slaapplaats voor de vogels in de winter. Meestal slaapt er één vogel per kast, maar soms zitten er wel meer dat tien in een kast. Vooral de boomkruiper en het winterkoninkje slapen vaak met velen bij elkaar. Door dicht bij elkaar te kruipen slagen deze kleine vogeltjes erin om het voldoende warm te houden. Als je de nestkastjes niet voor de winter hebt kunnen ophangen, kan het in het vroege voorjaar ook nog.

Waar hang je de kastjes op?

De nestkasten moeten buiten het bereik van katten worden opgehangen, het beste op een hoogte van twee meter en half.

Het moet er open en licht zijn. Om slagregen, hevig zonlicht en sterke wind te vermijden, hang je de nestkast met het vlieggat naar het oosten/zuidoosten.

Als je meerdere nestkastjes wil ophangen, mag je ze niet te dicht bij elkaar hangen. Veel soorten vogels hebben immers hun eigen territorium waar ze geen andere vogels dulden!

Hoe hang je de kastjes op?

 

Aan een wand of een muur kan je de nestkastjes met een stevige haak  bevestigen. Aan een boom hang je ze best op met behulp van een koperdraad (die roest immers niet) en een stuk oude tuinslang of een oude binnenband van een fiets. Steek de koperdraad door het stuk tuinslang of binnenband. Dat voorkomt het insnijden van de draad in de boom. Maak de draad dan met een schroefje aan één zijkant van het kastje vast, bindt het rond de boom en maak het andere eind aan de andere zijkant van het kastje vast. Sla nooit spijkers in de boom!

Moeten de kastjes gereinigd worden en zo ja, wanneer?

Om de nestkasten in goede staat te houden moet je ze regelmatig controleren en onderhouden. In augustus of september, als de jonge vogels zijn uitgevlogen, kan je het oude nestmateriaal verwijderen. Dit is immers vervuild met de uitwerpselen van de jongen, resten van dode jongen, en met eieren of poppen van parasieten, enz. Als die in het voorjaar uitkomen en actief worden kan een heel broedsel verloren gaan ! Door het oude nestmateriaal te verwijderen vermijd je ook dat er ‘s winters vogels, die in de nestkastjes komen slapen, aan oud en vochtig nestmateriaal vastvriezen. Je maakt de nestkastjes best schoon met heet water. Nadien laat je het goed uitdrogen. Voor je het opnieuw ophangt, leg je er wat stro of schaafkrullen in, als nestmateriaal voor vogels die er in de winter in komen slapen en/of als basis voor het nieuwe nest.

Succes !

Wist je dat?

We sluiten af met een weetje.

Wist je dat ... zandbijen ook in ons gazon tot een halve meter diep wonen?