Knokke-Heist bezoeken als toerist?

Omgevingsvergunning procedure

Omschrijving

Sinds 1 januari 2018 spreekt men niet meer van de bouwvergunning en/of de milieuvergunning.

De omgevingsvergunning vervangt en verenigt verschillende vergunningen:

  • stedenbouwkundige vergunning;
  • verkavelingsvergunning;
  • milieuvergunning (exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten);
  • kleinhandelsvergunning (socio-economische machtiging voor handelsvestigingen);
  • natuurvergunning voor het wijzigen van kleine landschapselementen of voor het wijzigen van vegetatie.

Procedure

Via de omgevingsvergunning kan je toelating krijgen tot zowel de bouw als het exploiteren van een inrichting. Hiervoor moet slechts één dossier ingediend en één vergunningsprocedure doorlopen worden. In de meeste gevallen is het bouwen onlosmakelijk verbonden met het exploiteren. De bouw van een stal hangt samen met het houden van dieren. Bij het fabriceren van producten hoort de constructie van installaties en gebouwen waarin de processen plaatsvinden. Dit gaat over zogenaamde “gemengde projecten”.

De omgevingsvergunning verplicht in het indienen van een geïntegreerd samengesteld dossier milieu en bouw voor gemengde projecten.

Artikel 18 uit het Omgevingsvergunningsdecreet: https://navigator.emis.vito.be/mijn-navigator?woId=65359&woLang=nl

Als het project zowel vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen als de vergunningsplichtige exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten omvat en die aspecten onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, wordt de vergunningsaanvraag ingediend zowel voor de stedenbouwkundige handelingen als voor de exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten.

De verplichting tot gezamenlijke indiening geldt niet voor het aanvragen van een omgevingsvergunning voor een project enerzijds, en voor het aanvragen van een omgevingsvergunning die alleen nodig is tijdens de uitvoeringsfase van het project anderzijds. Als voor het project een milieueffect-rapport moet worden opgesteld en het milieueffectrapport relevante uitspraken doet over de uitvoeringswijze, wordt gestreefd naar een gezamenlijke indiening voor wat betreft de aspecten die in het milieueffectrapport worden behandeld.

Ingedeelde inrichtingen of activiteiten (IIOA)

Een omgevingsvergunning voor ingedeelde inrichtingen of activiteiten is een wettelijk document dat je toelaat een bedrijf of zaak uit te baten (= exploiteren). Dit kan bv. zijn: een garage, een bakkerij, een schrijnwerkerij, een benzinestation, een ambachtelijk of industrieel bedrijf. Al deze bedrijven worden aangeduid met de term hinderlijke inrichtingen.

Elke hinderlijke inrichting moet zich in regel stellen met de Vlaamse milieuwetgeving. Om zeker te zijn dat deze reglementering ook wordt toegepast, werd een vergunningensysteem ontwikkeld. Dit systeem houdt in dat de uitbater van een hinderlijke inrichting het bevoegde bestuur (gemeente of provincie of gewest) op de hoogte brengt van zijn of haar activiteiten

Je kunt begrijpen dat een groot industrieel bedrijf dat gevaarlijke stoffen produceert, strengere milieuvoorwaarden zal moeten respecteren dan een drogist die slechts enkele liters gevaarlijke stoffen in zijn winkelruimte te koop aanbiedt. De wetgever heeft daarom een onderscheid gemaakt tussen de zwaar milieubelastende bedrijven en de bedrijven die slechts in geringe mate het milieu belasten. In de terminologie van de wetgeving spreken we over een klassenindeling.

De lijst met hinderlijke inrichtingen en hun bepalingen is opgenomen in bijlage 1 van Titel I van het VLAREM II (Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning): https://navigator.emis.vito.be/mijn-navigator?woId=69985&woLang=nl.

Een handige tool om na te gaan welke rubrieken er in aanmerking kunnen komen voor jouw bedrijf of jouw activiteiten is de VLAREM-wegwijzer (www.milieuinfo.be/wegwijzer). Via een vragenlijst zal er een overzicht bekomen worden van welke rubrieken er van toepassing zijn. Deze informatie kan dan gebruikt worden om de aanvraag in te dienen in het omgevingsloket.

Voorwaarden

VLAREM bepaalt de milieuvoorwaarden, zowel algemene, sectorale als bijzondere voorwaarden, die van toepassing zijn op ingedeelde inrichtingen en activiteiten. Deze zijn terug te vinden binnen de wetteksten onder Titel II van het VLAREM.

  • De algemene voorwaarden vind je terug onder Deel 4 "Algemene milieuvoorwaarden voor ingedeelde inrichtingen" van het Titel II van het VLAREM (https://navigator.emis.vito.be/mijn-navigator?woId=8423).
  • De sectorale voorwaarden vind je terug onder "hoofdstuk 5. nummer rubriek." van het Titel II van het VLAREM (https://navigator.emis.vito.be/mijn-navigator?woId=8604).
  • De overheid, die uw dossier behandelt, kan extra voorwaarden opleggen. Dit zijn bijzondere voorwaarden.
  • Uw inrichting kan hinder veroorzaken. Ga naar milieuhinder voor meer informatie.

 

Daarnaast kan jouw aanvraag kan ook of enkel stedenbouwkundige handelingen bevatten.

De algemene (Vlaamse) stedenbouwkundige wetgeving vind je terug via www.ruimtelijkeordening.be.

De gemeente kan echter strengere eisen opleggen. Voor meer gedetailleerde informatie en stedenbouwkundige voorschriften zie:

Omgevingsvergunning bij het wijzigen van kle's of vegetatie

In Vlaanderen staan natuur en landschap onder grote druk. Vandaar dat in bepaalde gebieden wijzigingen aan vegetaties of kleine landschapselementen verboden of vergunningsplichtig zijn. Het gaat dan om een omgevingsvergunning voor het wijzigen van kleine landschapselementen of een omgevingsvergunning voor het wijzigen van vegetaties:

Kleine landschapselementen (KLE) zijn bijvoorbeeld:

  • houtkanten, struwelen, hagen, perceelsrandbegroeiingen
  • sloten, poelen, veedrinkputten, waterlopen, bronnen
  • bermen, holle wegen, graften, dijken
  • bomen, hoogstamboomgaarden

 

Vegetaties zijn natuurlijke en half-natuurlijke begroeiingen zoals:

  • vennen, heiden, moerassen, schorren, slikken, duinvegetaties
  • graslanden
  • loofbossen, houtachtige beplantingen.

 

Verboden te wijzigen

Deze landschapselementen mogen niet gewijzigd worden:

  • holle wegen
  • graften (sterke knikken in het reliëf van hellinggronden; ze zijn meestal begroeid met bomen of struiken)

bronnen.

Deze vegetaties mogen niet gewijzigd worden:

  • historisch permanente graslanden (en daaraan verbonden micro-reliëf en poelen), die gelegen zijn
    • in de groene bestemmingen (groengebieden, parkgebieden, buffergebieden, bosgebieden) op de bestemmingsplannen en de bestemmingsgebieden die vergelijkbaar zijn met die gebieden
    • in beschermd cultuurhistorisch landschap
    • in de beschermingsgebieden Poldercomplex en Het Zwin
    • op de kaart opgemaakt door de Vlaamse Regering.
  • vennen en heiden
  • moerassen en waterrijke gebieden
  • duinvegetaties.

 

Afwijking of ontheffing op het verbod?

Een ontheffing op dit verbod op het wijzigen van kleine landschapselementen of vegetaties moet u aanvragen bij de provinciale dienst AVES van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB).

Omgevingsvergunning nodig?

Een omgevingsvergunning is verplicht voor de wijziging van kleine landschapselementen en vegetaties in:

  • groen-, park- , buffer-, bos-, vallei-, en brongebieden
  • agrarische gebieden met ecologisch belang en agrarische gebieden met bijzondere waarde
  • natuurontwikkelingsgebieden
  • beschermde duingebieden
  • vogel- en habitatrichtlijngebieden
  • Ramsar-watergebieden.

 

Opgelet. Een omgevingsvergunning is ook verplicht voor de wijziging van kleine landschapselementen in agrarische gebieden, landschappelijk waardevolle agrarische gebieden en IVON-gebieden.

U vraagt de omgevingsvergunning aan via het online Omgevingsloket. In enkele gevallen is indienen op papier ook toegestaan.

Vervolgens wordt één openbaar onderzoek en één adviesronde georganiseerd.

Beroep tegen een beslissing

De deputatie van de provincie is bevoegd voor beroepen tegen beslissingen van het college van burgemeester en schepenen. De Vlaamse overheid is bevoegd voor beroepen tegen beslissingen van de deputatie.

In het Omgevingsloket vindt u meer informatie over de beroepsprocedure en de kosten (dossiertaks, rolrecht) die u moet betalen bij het indienen van een beroepschrift.

De vergunningsplicht geldt niet:

op huiskavels (zoals gedefinieerd in Natuurdecreet, artikel 2, 35°) van een vergunde woning of bedrijfsgebouw (van een landbouw- of veeteeltinrichting) gelegen binnen een straal van 100 meter rond het gebouw (dit wordt 50 meter als het om een groene bestemming gaat)

als de werken kaderen in een goedgekeurd beheersplan

als het om normale onderhoudswerken gaat. In de 'Code voor goede natuurpraktijk i.f.v. wijzigingen van vegetatie en van kleine landschapselementen' wordt omschreven wat onder 'normaal onderhoud' verstaan moet worden. Zie daarvoor Bijlage 1 van de Omzendbrief LNW/98/01.

Wettekst

  • Decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (het zogenaamde Natuurdecreet)
  • uitvoeringsbesluit van de Vlaamse Regering 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (het zogenaamde Vegetatiebesluit)
  • Omzendbrief LNW/98/01 betreffende algemene maatregelen inzake natuurbehoud en wat de voorwaarden voor het wijzigen van vegetatie en kleine landschapselementen betreft, van 10 november 1998 (B.S. 17 februari 1999).